Vorige week verscheen een uitgebreid artikel in HLN over hoe Kim dit jaar beleeft. Als vrouw, als zaakvoerder, als mama.
Over B plus | Be Positive
Het volledige interview kan je hier nalezen.

 

Beginnen bij het begin

Kan je wat meer vertellen over jezelf?

Mijn naam is Kim, ik werd net 40 jaar in de lockdown in maart. Toen ik 12 was leerde ik Roel kennen. Eerste lief en zoals het aanvoelt, zal het ook de laatste zijn :) In 2007 zijn we getrouwd en in dat jaar kochten we een gezellig oud huis in Halen dat we verbouwden. De plek was de compromis: Roel is afkomstig van Hasselt, ik van Sint-Truiden. Het huis tikte 4 puntjes af in de checkbox, de afstand naar de ouders namen we erbij. 9 jaar geleden werden we de ouders van Fons.

Voor mijn 20ste stond alles in het teken van muziek (zo ontmoette ik ook Roel, in het orkest: hij slagwerker, ik klarinettist), erna ging ik de architectuur- en interieurwereld.

In 2010 veranderde er wel veel: ik werd zwanger en ik nam ontslag bij mijn toenmalige werkgever om als zelfstandige ondernemer verder te gaan. De weg van de minste weerstand is me onbekend, ik ga mijn hart achterna en voel en (voor)zie waar ik dingen in beweging kan zetten. Ik ben een nieuwsgierig meisje, geboeid door het gedrag van mensen en de positieve impact (ook als is dat erg kleinschalig) die je als mens hier op aarde kan hebben, met kleine dingen en echte energie. Ik kan echt blij worden van iets kleins en daar mega enthousiast over worden en anderen dat ook laten zien. Ja leuk!

In januari dit jaar werd er een bommeke in huis gegooid: ik vond een knobbeltje bovenaan mijn borst en het bleek een agressieve borstkanker te zijn.

De data die ik nooit ga vergeten

Wanneer hoorde je dat je ziek was? Hoe ben je er achter gekomen?

Een makkelijke vraag :) Want die data vergeet ik nooit van m’n leven nog.
31 december nog super fijn nieuwjaar gevierd met vrienden en geklonken op een goede gezondheid! Wist ik veel dat er toen al dat beestje zat.

De ochtend van vrijdag 3 januari kwam ik uit de douche, droogde me af en voelde iets. Niet in mijn borst, maar net daar boven. Daar waar er minder vet is, zeg maar. Vreemd. Roel bevestigde. Ja, ik verzon het niet. Ik zei nog: “dat zat er gisteren niet”.

Die middag belde ik naar mijn huisdokter. Even polsen: “ik voel precies een knobbeltje”. “Kom maar meteen af, ik neem u er wel even tussen”.
Een paar uur later, mocht ik al een Mammo laten doen en een echografie. De week erna volgde een Mammo MRI en een eerste biopsie.

Ik weet nog dat ik er vrij rustig onder bleef maar ik dacht ook: “als er niets zou zijn, dan zouden ze niet verder gaan, maar laten we ook maar niet panikeren, we zien het dan wel”. Ik had nog niets tegen mijn mama en papa durven zeggen. Ik ging ze ook niet voor niets ongerust maken.

In die 2 weken kijk je plots ook anders naar de mensen en jezelf. Op één moment, met één gesprek met de dokter,... kan het allemaal veranderen. Je loopt gezond rond, denk je en dan zegt iemand anders dat dat niet zo is. Vreemd. Zeker die periode ertussen… het zou kunnen of het zou niet kunnen.

20 januari, blue Monday

20 januari zaten Roel en ik in de wachtzaal van het borstcentrum van het Jessa ziekenhuis voor de echte uitslag bij de gynaecoloog/oncoloog.
(Ik herinner me nog toen ik haar naambordje zag aan de deur en er oncoloog langs stond… dat het menens was).

“Kim, ik ga het woord meteen laten vallen, want het is ook zo: je hebt kanker en we gaan meteen met chemo starten”. BAF!

Ik dacht: En nu? Wat moet ik doen? Wat is dat precies? Ik? Mopje? Wat heb ik fout gedaan? Borst weg? Lachen of huilen? Ik ga toch nog kunnen werken hé? Hier komen we toch snel van af hé? Hoe gaan we dit tegen Fons zeggen?

Mijn eerste reactie

Ik denk zelfs dat ik die vragen wel ook allemaal hardop heb gesteld.

Ik herinner me een paar antwoorden:
85% kans genezing. 20% is normale snelheid celdeling, de kankercellen van de Trippel Negatief borstkanker die daar zitten gaan er tegen 95% tegenaan! (Severy, moet echt alles weer snel en voor het hardst gaan?) dus we moeten volgende week al starten met chemo, je haren vallen uit, tegen de zomer ben je uit de behandeling.

En dan gaat er een knopje aan: ratio! Wat waar en hoe? Ik stelde de verdere vragen. Roel heeft geluisterd. Wanneer beginnen we eraan? Ga je dat niet meteen wegsnijden? Wat volgt dan precies? Doen die prikken pijn? En ik herinner me ook dat we die namiddag nog enkele uren in het ziekenhuis zaten voor extra biopsies, hartmeter, een lieve borstverpleegster, een psychologe,... het hele ziekenhuis hebben we gezien. Ik zag niks. Roel vertelde me die avond nog even rustig alles na.

De PETscan wees uit dat er geen uitzaaiingen waren. Mijn ouders en schoonouders kwamen naar thuis om te "vieren". Champagne!! Want, we hadden dus een “normaal” traject naar genezing. Echt nog altijd vreemd om te zeggen. Want in mijn ogen ben ik niet ziek geweest. Het is allemaal zo snel gegaan… en dat, omdat we er ook zo snel bij waren.

Wat ik ook dacht (haha): ik ga een uitzondering zijn, mijn haar gaat niet uitvallen en ik ga hierdoor fietsen. Ze gaan mij niet klein krijgen, hélaba, ik heb hier nog wel wat te doen hoor, ge zijt nog niet van mij af, wat kom je mij hier plagen, ik heb wel wat anders te doen.

28 januari werd de poortkatheter geïmplanteerd, waarlangs 16 porties Chemo’s werden toegediend. 9 juni was die laatste. Ik fietste er niet geheel gewoon door, neen, helaas. Alle bijwerkingen zijn gekomen plus nog een paar extra. Jackpot! En de rode bloedcellen konden het ook niet altijd getrokken krijgen. Maar de dokters lappen je altijd wel weer op. Je legt je leven in hun handen. “Flink wezen. Je bent niet de eerste die hierdoor gaat. Ze kennen hun vak.” Je vertrouwt. Probeert alles positief te bekijken. En door.

Over clichés...

Ik ben van het principe IK heb het nog nooit gedaan, dus ik denk dat ik het wel kan. En jump. Dus ik heb het op me af laten komen. Maar hier toch enkele clichés die voor mij waarheid zijn:

  • Dat kanker een akelige kutziekte is en het iedereen kan overkomen.
  • Dat er zovelen voor je waren en er veel te veel na je komen.
  • Dat chemo degoutant is.
  • Dat haren (hoofd, wimpers en wenkbrauwen en ja ook al de rest) wel impact hebben op je verschijning.
  • Dat de behandeling naar genezing erin beukt.
  • Er zoveel dappere verhalen zijn.
  • Er enorm veel dankbaarheid borrelt voor mijn lieve man en zoon.
  • 1000 kaartjes en kadootjes van vrienden je oppeppen.

Goed janken helpt. Schreeuwen af en toe ook. En dat aanvaarden, je rust geeft. De Tijd heelt. En dat alles goed komt. In a way.

... en teleurstelling

In de troetelbeertjes. Haha. Ja, ik ken nu een wereld, die ik niet eerder kende. Langs de ene kant geeft het ‘een extra dimensie’ laten we zeggen aan ‘je zijn’, langs de andere kant, hoefde ik het ook niet echt te weten hoor.


Zijn er mensen die jou uit de weg gaan?

Ik heb niet het gevoel dat mensen me uit de weg gaan of gegaan zijn. Wat ik wel voel of lees in berichtjes, is dat niet iedereen het makkelijk vindt om erover te praten of om te vragen hoe het gaat.

Het is voor sommigen echt moeilijk merk ik. Dat is ok. Het is voor mij anders dan voor jou. Ik denk dat het zelfs moeilijker is om het te plaatsen voor een ander, dan dat voor mij is. Ik moet er door, geen keuze. Maar anderen hebben medelijden, of vinden het ZOOOO erg dat me dat overkomt. Ik heb daar eigenlijk niet heel lang bij stil gestaan in het begin. Want dan moet je gewoon door. Vandaag sturen nog mensen me een berichtje of een kaartje die zeggen “ik wist niet of het kon en of ik je lastig zou vallen, maar ik denk elke dag aan u en brand elke dag een kaarsje”. Jawadde. Zo veel lieve mensen. En zoveel schatten die meeleven.

Wat gaf jou hoop?

Ja dat dus. Een teken dat er zoveel mensen rondom me staan die om me geven. Die mee volgen en hopen dat alles snel goed komt. Die me tijd geven om te voelen wat er is en klaarstaan om me op te vrolijken. Enkele mamzellekes, stuurden me elke dinsdag als ik naar de chemo ging een leuk mopje of zo. Humor is een grote sleutel om hier tegenop te kunnen! Love it!

Daarnaast, kom je natuurlijk wel wat ‘lotgenoten’ tegen. Zo bericht ik wekelijks met een aantal dames, die ook in behandeling zijn. De ene net voor me, de andere volgt op een maand. Dat helpt om elkaar te helpen en te weten, dat wat je voelt, normaal is. Ja dat geeft hoop. En hoop doorgeven, is automatisch ook een hoopgever voor jezelf.

Wie gaf jou hoop?

Naast die lieve vrienden en lotgenoten, was het ook onze Fons. Hij zegt er nooit heel veel over. Maar als hij iets zei, dan was het boenk, recht naar mijn hart. “Je kan het mama” En eens lief lachen naar mij, met die stralende ogen… ja dat geeft hoop!

Heftig wel

Hoe verloopt de behandeling?

Tussen 28 januari en 9 juni had ik dus eerst de chemokuren. Eerst 4 keer om de 2 weken, daarna volgde een wekelijkse kuur van 12. Eerst mocht Roel mee naar het ziekenhuis, want zo een chemobehandeling, die duurt een 5 tal uurtjes. We gingen dat fijn onder ons tweetjes doen. Zijn agenda was erop afgestemd. Inclusief koffietje in de stad voordien. We gingen er “iets fijns samen” van maken. En toen kwam Corona. Vanaf half maart zette hij me af aan het Jessa ziekenhuis en kwam me weer oppikken. Ook mijn ouders wilden niet liever dan zorgen voor me, maar konden dat niet. Heftig voor hen.

De dokters volgen je wekelijks op. Dat is gigantisch. Je voelt je haast ‘veilig’. Het praatje elke week over hoe het ging, wat ze konden doen om de kwaaltjes “beter” te maken, een wereldje op zich. Ook de verpleging op die oncologie dagopname zalen… mét mondmasker en de glimlach in hun ogen. Het werd een gewoonte. Je slaat je dapper er doorheen.

En toen kwam die langverwachte laatste chemo op 9 juni. Eerlijkgezegd, ik heb die week erna enorm veel gehuild. Geen opvolging. Daar stond ik, on my own, zonder haar, opgezwollen van de cortisone, een lijf dat nu pas echt goed ziek was. “Wat hebben ze gedaan?”

Juli is tot nu toe de zwaarste geweest mentaal en fysiek. Alles kwam precies samen. Het ritme was eruit, het viel als een donder op me. “Goed rusten, het gaat nu elke dag beter gaan” Ja niet hé… geduld hebben is aangewezen, ook in deze behandeling.

Mijn genetische bloedtest was goed. Dat wilde zeggen dat ik borstbesparend kon geopereerd worden. De MRI liet ook al zien dat er geen gezwel meer te zien was, de chemo had zijn werk gedaan. Ondertussen is de operatie ook achter de rug. Mét het blije nieuws, dat er in het pathalogisch onderzoek 0 kankercellen werden gevonden. YES!

Vandaag, 10 augustus, kan ik ook de eerste bestraling van de 21 afpunten. 7 september is de laatste. Elke dag dus even naar het ziekenhuis deze maand.

En dan… wil ik graag, dag en bedankt, even niet meer naar het ziekenhuis. Zodat ik echt kan recupereren van dit alles.

En met Mamzel?

Kanker ging mij en Mamzel niet klein krijgen… en toen kwam Corona, voor iedereen.
Plots stond niet alleen ik met alcogel te smeren. Plots stond niet alleen mijn wereld stil.

Ik moet zeggen, dat door corona, ik door die behandeling ben geraakt: dat de mamzellen plots niet meer konden werken, heeft ervoor gezorgd dat we 1 focuspunt hadden.

Mijn energie ging ervoor voornamelijk naar de mamzellen, ons salesteam in Vlaanderen. En dat vergt veel. Ik kon die energie niet meer geven.

Maar het hoefde toen ook niet echt meer. Of toch niet zoals we dat gewoon waren. Dat heeft mij echt geholpen. Ik weet niet hoe ik anders gestopt was met GEVEN.

Als ik er niet meer ben, dan is Mamzel er niet meer en dan zijn er sowieso geen mamzellen meer nodig, want dan stopt het sowieso. Dat besefte ik. Dus heb ik even die knop leren omzetten en mezelf nummer 1 gemaakt. Mamzel nummer 2, anders ging het niet lukken hé.

Dat ik Mamzel op nr2 kon zetten, heeft natuurlijk alles te maken met ons team in Lummen en Roel. We hebben samen ervoor gezorgd dat Mamzel stande hield en we 1000-den bestellingen hebben verstuurd sindsdien. De coronatijd brengt mensen verder van elkaar en wij mochten ze verbinden. Met een verjaardagskadootje, geboorte, lentefeest dat niet doorging, een oppepper voor de oma… vele van de boodschapjes bij de bestellingen heb ik geschreven. Soms liepen de tranen van mijn wangen “mama, ik kan nu niet bij je zijn,...” terwijl ik ze schreef en voelde de impact die we konden maken. Blijmakers, the real stuff. 3.0 :) Geen droge boel, maar een pakje aan huis, dat warmte uitstraalt. En je laat genieten van het moment.

Ik ben blij. Het gaat goed. Met een andere focus en inspanning redden we het nu en ik loop er tussendoor in en uit. Help waar ik kan, stuur waar nodig. Mamzel helpt mij ook positief te blijven en zorgt voor de perfecte afleiding. De weg naar een goede genezing.

Nog een moelijke vraag

Ben je bang voor de dood?

Neen. Ik ben niet bang voor de dood. Doodgaan doen we toch. Je hebt hier wel de kans om een positieve energie achter te laten, zodat er een fractie van jou achterblijft, mooi toch?

Ik heb wel een soort van nederigheid gekregen tov ziektes zoals kanker, maar ook Corona bijvoorbeeld. De impact, daar sta je zo niet bij stil op voorhand, maar als je dan ziet wat het doet met een mens,... wow! Het kan heel dichtbij komen.

Iemand afgeven en zonder verder leven, lijkt me veel zwaarder.

Welk advies wil jij mensen geven die zich in de toekomst in dezelfde positie bevinden?

Eerst en vooral, voor de vrouwen onder ons. Veel voelen aan je borsten :) Er snel bij zijn, kan een wereld van verschil zijn!
Elke kanker, elk mens is anders. Dus advies geven is een moeilijke vind ik. Het loopt voor iedereen anders, de ervaring is voor iedereen anders.

Om met een cliché te blijven: positief blijven. Humor. Praten. Huilen. Bezig blijven. Je in de watten laten leggen. Beseffen dat dit een fase is, die voorbij gaat.
En heb je kennissen, vrienden,... die ermee te maken hebben? Stuur ze een berichtje, dat je aan ze denkt, verras ze met een kaartje,... Je wilt niet weten hoe fijn dat is!!!!

Is er iets wat je wil meegeven, wat ik niet heb aangeraakt?

Hoe vaak ik al heb gedacht aan al die andere mensen die net als ik hiermee te maken hebben gehad, die erdoor gaan, of het ooit ontdekken… dat ze maar zoveel chance als ik hebben: zo een lieve man die me steunt, zoveel lieve mensen rondom mij die altijd op het juiste moment weten te steunen.

Eerst dacht ik: ik zal alle kanker van de wereld wel op mij pakken, dan hoeft niemand dit meer mee te maken. Als je de 1 op 8 hoort bij borstkanker, dan zakt de moed je in de schoenen. En langs de andere kant. Er doorheen gaan, is ook een groeiproces op zich. Ik steek dat straks in mijne rugzak, zoals zovelen hun stukje meenemen. Mijn lijf is anders nu, maar hé, ik ben er nog en ik ben ook al 40. Laat deel 2 maar beginnen. We zien wel wat komt. Be Positive, Bplus, is mijn bloedgroep ;)

jouw blijmakerKim Severy
Volgende blogbericht Schatten op't schap